Gedragsregels

Gedragsregels

  1. Loop tijdens de trainingen niet op de baan

  2. Ouders bemoeien zich tijdens de training niet met de training. Bij vragen/problemen kunnen ouders na de training bij de trainer terecht.

  3. Coach positief. Ouders moedigen de kinderen op een sportieve manier aan en gebruiken geen agressieve taal

  4. Baan op, helm op

  5. Lid van de Draai; dan help jij ook een keer bij het vervoer/kantinedienst/baanvegen.

  6. Na de training laten we de baan schoon achter.

  7. Honden alleen aangelijnd, buiten de baan

  8. Pesten is kinderachtig. Als het toch gebeurt, spreek je elkaar of het bestuur/trainers hier op aan. Hierover praten is geen klikken.

  9. Betreden en gebruik van de skeelerbaan is op eigen risico.

  10. Gebruik van arm, pols en kniebeschermers wordt aanbevolen.

  11. De rijrichting is tegen de klok in (linksom). Tenzij anders word aangegeven

  12. Snelle rijders gebruiken de binnenbaan( tenzij de trainers anders aangeven) en langzame rijders gebruiken zoveel mogelijk de buitenbaan ( uitrijdende skeeleraars)

 

Regels op en om de baan tijdens de trainingen

 

 

 

 

Regels op en om de baan tijdens de trainingen:

  • Als je voor de kantine staat ga je via de rechterkant de piste op en via de linkerkant verlaat je de piste. Het hek in de bocht laten we dicht!
  • We gaan het pleintje op via de rechterkant en we verlaten het via de linkerkant
  • Voor instructies verzamelen we ons in het blauwe vak.
  • Wanneer we bij de piste willen kijken, nemen we de looproute over de klinkers langs de buitenbaan. We steken dan recht over waar het gras voor de piste begint. Denk erom, er wordt weer meer getraind op de buitenbaan.
  • Snelle rijders gaan buitenom als ze inhalen.
  • In de rust rijden we achter elkaar aan om opstoppingen te voorkomen.
  • We zijn met elkaar op de baan , dus denken ook om elkaar. Kijk goed uit voordat je de baan opgaat of verlaat.
  • Op het plein letten we op dat we om de oefeningen van de andere groepen heenrijden.